Uittreksel strafregister en jeugdschieten in België

De commissie Belgische schietstanden van de Oud-Limburgse Schuttersfederatie legde afgelopen maand twee vragen voor aan de heer Nico Demeyere. De heer Demeyere is advocaat en oprichter van het eerste advocatenkantoor in België dat volledig gespecialiseerd is in de regelgeving omtrent wapens en defensie gerelateerde producten.

Betreffende de minimumleeftijd voor het schieten met de Limburgse buks

Schutterijen zijn vrijgesteld van de sportschutterslicentie. Hoewel het wapen een vergunning plichtig wapen is, voorhanden onder een model 9, wordt dit wapen een vrij verkrijgbaar wapen zodra het op de schietstand onder toezicht van een buksmeester gebruikt wordt (Art.3 §2 Wapenwet / Art.1 §6 KB 20-09-91). Volgens de genoemde wetgeving is de Limburgse buks een vrij verkrijgbaar wapen. De aankoop van een vrij verkrijgbaar wapen staat in de wet duidelijk omschreven. Er staat echter nergens een leeftijd vanaf dewelke er geschoten mag worden met een vrij verkrijgbaar wapen.

Dit betekent dat, als er geen minimumleeftijd is opgelegd in de voorwaarden van de erkenning van de schietstand of in het intern reglement (het vroegere 'Huishoudelijk reglement') dan is het aan de Belgische schutterijen om te beslissen in welke mate ze minderjarigen laten schieten. Ze dienen hierbij rekening te houden met hun eigen aansprakelijkheid die bijvoorbeeld zou kunnen ontstaan indien er schade zou ontstaan.

Het opleggen van een leeftijdsbeperking in de voorwaarden van de erkenning van een schietstand, zal de Oud-Limburgse Schuttersfederatie gaan bespreken met Provinciebestuur Limburg.

Aanbeveling

Om te voorkomen dat bij het schieten van beginnende/jeugdige schutters, kogels naast of tegen de kogelvanger terecht komen of kogels buiten het schootsveld terug komen, adviseert de commissie Belgische schietstanden van de Oud-Limburgse Schuttersfederatie beginnende of jeugdige schutters eerst te laten oefenen met de buks geklemd in het affuit.

De commissie Belgische schietstanden van de Oud-Limburgse Schuttersfederatie stelt de volgende  procedure voor aan de Belgische schutterijen aangaande het schieten met de Limburgse buks:

  • Bij het schieten dient een ongeoefende/beginnende schutter gebruik te maken van
    een afgestelde affuit.
  • Het beoordelen of een schutter bekwaam is te schieten, is een taak van de buksmeester.
  • Een schutter is geoefend c.q. bekwaam indien:
    • de handelingen aan de buks zelfstandig en veilig uitgevoerd kunnen worden;
    • de buks zelfstandig gericht op een punt kan worden gehouden.
  • De leeftijd, lengte, kracht en conditie van de schutter is van invloed bij de beoordeling.
  • De conditie van geoefende schutters kan door ziekte, ongeluk of leeftijd veranderen. De
    buksmeester dient dan een herbeoordeling te doen.
  • Het is van belang dat het bestuur samen met de buksmeester de leden duidelijk maakt hoe de beoordeling werkt.

Ten behoeve van alle schutters, herhalen we hierna de procedure schieten onder leiding van een buksmeester (uit Veiligheid schootsveld):
4.1. Tijdens het Limburgs traditioneel schieten oefent de buksmeester het feitelijke gezag uit
over de buks. De buksmeester staat altijd naast de schutter. De buksmeester heeft de buks
voorhanden en draagt de buks niet over.
4.2. De schutters mogen geen laad- en ontlaadhandelingen verrichten of de buks van de
aanlegpaal afnemen. Dit is alleen toegestaan door de buksmeester.

4.2.1. Bij aankomst van de schutter ligt de buks ongeladen op de aanlegpaal, met de loop in veilige richting (doel). De buksmeester heeft het wapen vast;
4.2.2. De buksmeester schoudert de buks bij de schutter en helpt de schutter de buks aan te leggen. buks blijft hierbij op de aanlegpaal liggen;
4.2.3. De buksmeester laadt de buks als de situatie veilig wordt bevonden en sluit de grendel van de buks. Daarna kan de schutter richten en het schot lossen;
4.2.4. Na het schot ontlaadt de buksmeester de buks. De buks blijft hierbij met de grendel open op de aanlegpaal liggen;
4.2.5. Vervolgens neemt de buksmeester de buks bij de schutter van de schouder en begint de cyclus opnieuw met de volgende schutter.

Betreffende het opvragen van een attest van goed gedrag en zeden aan leden

Sommige schutterijen beweren dat zij aan hun leden een uittreksel uit het strafregister (het vroegere 'Attest van goed gedrag en zeden') dienen te vragen. Artikel 3, 3° van het Koninklijk Besluit van 13 juli 2000 legt aan de uitbaters van een erkende schietstand de verplichting op om voor elke gebruiker een uittreksel uit het strafregister bij te houden. Deze verplichting is echter niet van toepassing voor particuliere gebruikers van de schietstand die enkel met vrij verkrijgbare vuurwapens schieten.

Artikel 1, §6 van het Koninklijk Besluit van 20 september 1991 bepaalt dat wapens vrij verkrijgbaar zijn als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • De wapens zijn eigendom van een vereniging die activiteiten van historische, folkloristische, traditionele of educatieve aard heeft en dit ook als statutair doel heeft;
  • het schieten gebeurt in een erkende schietstand, onder het toezicht van een wapen- of schietmeester en onder de verantwoordelijkheid van de vereniging;
  • de wapens worden voorhanden gehouden en bewaard door de vereniging;
  • de wapens worden enkel ter beschikking gesteld met het oog op en tijdens de statutair omschreven activiteit, aan leden van de vereniging en occasionele genodigden;
  • de vereniging kondigt vooraf plaats en datum van haar activiteiten aan aan de lokale politie en aan de gouverneur.

Enkel in deze omstandigheden zijn de wapens ingedeeld als vrij verkrijgbaar.

Indien niet aan deze voorwaarden is voldaan, worden ze vergunningsplichtig (zie art. 3, §3 wapenwet). De schietstand dient dus enkel uittreksels van het strafregister bij te houden van de particulieren die komen schieten met buksen die vergunningsplichtig zijn, bijvoorbeeld omdat de buks geen eigendom is van de vereniging of omdat geschoten wordt buiten de activiteiten van de vereniging of geschoten wordt op plaatsen en data die niet vooraf aan de gouverneur en aan de lokale politie zijn meegedeeld.   In de praktijk gaat dit over een beperkt aantal gevallen.

Vragen van de commissie en de nota Armalex

De vragen die zijn voorgelegd door de commissie Belgische schietstanden aan Armalex en de nota met daarin de antwoorden, zijn hier terug te vinden:

Zelf nog vragen?

Indien u vragen of opmerkingen heeft, neem dan contact op met de commissie Belgische schietstanden via Sonja Creemers (sonja.creemers@olsfederatie.com).

Dit omdat:

  • Armalex werkt enkel samen met koepels/bonden;
  • Het bundelen van vragen werkt praktischer aangezien de meeste schutterijen met ongeveer dezelfde problemen/vragen worstelen.

De commissie zal uw vraag onderzoeken en eventueel zelf of met de hulp van Armalex en/of Provincie Limburg verklaren.

auteur: SC

 

Oud limburgs schuttersfederatie

Meer nieuws

Oproep muzikanten

In juli komt de wereldtop van de mars- en blaasmuziek samen in Kerkrade tijdens het WMC ( Wereld Muziek Concours). Op donderdagavond 7 juli worden...

Jurering terreinwedstrijden OLS

Tijdens het OLS worden er diverse wedstrijden georganiseerd op het terrein waarvoor er geen planning wordt opgesteld.

Marketentsterstreffen

Namens de marketentsters van het Koninklijke Schuttersgilde St. Lambertus Helden nodigen wij u hierbij van harte uit voor het 30 ste marketentstertreffen op zondag 6...